De wachters, een psychologisch spookverhaal

De wachters
Meer informatie

Andrew Pyper is een Canadees en de lange donkere winters inspireren hem waarschijnlijk om zijn thrillers de nodige horrorelementen mee te geven.
De wachters is een spookverhaal en een psychologische roman ineen. De kwalificatie literaire thriller op de voorkant van het boek is, ondanks de nodige lijken, een beetje onzin want echt spannend wordt het niet.
Toch is het een aanrader voor griezelliefhebbers die wat meer willen want Pyper heeft een sterk verhaal geschreven over vriendschap en het kwaad in de mens. Bovendien is Pyper een schrijver die uitblinkt in het gebruik van bovennatuurlijke elementen in thrillers.

Het leven van vier 16-jarige vrienden verandert op de dag dat een nieuwe, mooie muzieklerares op hun school verschijnt. Als zij spoorloos verdwijnt denkt Ben, een van de vrienden, te weten wie daar verantwoordelijk voor is. Ben woont tegenover een verlaten huis dat een kwalijke reputatie heeft. Ze ontvoeren de vermoedelijke dader en willen hem tot een bekentenis dwingen in de kelder van het huis waar Ben de man en de lerares naar binnen heeft zien gaan. In het huis waart de kwaadwillende geest van een jongen rond. De confrontatie met de dader en het huis wordt een confrontatie met het kwaad in het het huis en in hunzelf. Na deze gebeurtenissen vertrekken drie van hen, alleen Ben blijft achter en houdt de wacht door het huis in de gaten te houden.

Na jaren krijgt de 40 jarige Trevor bericht dat Ben zelfmoord heeft gepleegd. Hij keert terug naar zijn geboorteplaats en het gruwelijke verleden. Trevor is een verteller met de nodige zelfspot die onlangs te horen heeft gekregen dat hij de ziekte van Parkinson heeft. Hij onthult ons de gebeurtenissen van al die jaren geleden. Een geschiedenis die zich lijkt te herhalen, het huis blijkt nog even kwaadaardig.

Rest me alleen nog de vraag waarom iemand een huis binnen gaat waar het spookt. En ook nog in het donker. Ik kreeg al kippenvel bij het lezen, maar ik ben waarschijnlijk niet zo’n held.

Een interview met Andrew Pyper over De wachters en meer tips voor griezelliefhebbers:

Zomeravondfilm I

Zomeravondfilms
Zomeravondfilms

Aan lezen kom ik niet toe, ben namelijk een huis aan het verven. Dan is het wel prettig om ’s avonds met de voeten op tafel een dvd’tje te kijken. Of het komt door de terpentinedampen weet ik niet maar heel erg blij werd ik niet van The Preacher en Rebus. Snabba Cash maakte weer een boel goed.

The Preacher is de verfilming van het tweede boek van Camilla Läckberg, de populaire thrillerschijfster uit Zweden. De boeken van Läckberg zijn niet echt aan mij besteed. Zonder ze te willen diskwalificeren, zijn het toch vrouwenthrillers en ik ben meer van de mannenthrillers. De verfilming was nog minder aan mij besteed. Het leek wel of ik zat te kijken naar een hele slechte aflevering van Baantjer, maar daar denkt deze recensent anders over, dus overtuig jezelf.

Dan maar Rebus, de anti-held uit de boeken van Ian Rankin die Edinburgh op de misdaadkaart heeft gezet. John Hannah als Rebus is een miskleun van jewelste. Bij Rebus past een ietwat gezette, getergde en getekende kroegtijger. John Hannah mist deze essentiële Rebus-kwaliteiten maar probeert dit te compenseren door de hele serie een colbertje te dragen met een formaat schoudervulling die we niet meer hebben gezien sinds Duran Duran. Edinburgh ziet er gelukkig wel nat, dreigend, verlopen en crimineel uit. In seizoen 2 is Hannah vervangen door Ken Stott, die een betere keus lijkt.
Jens Lapidus verraste in 2009 met Snel geld, een grotestadsthriller waarin de hebzucht van de hoofrolspelers uitmondt in een geweldadige climax. Snabba Cash is een sterke verfilming. De regisseur heeft de stijl van het boek goed vertaald naar het scherm. De vele close-ups doen even realistisch aan als de korte zinnen en straattaal in het boek die je voortdurend een opgejaagd gevoel geven. Een aanrader om met je voeten op tafel te bekijken op een warme zomeravond met een biertje of een glaasje fris.

De andere kant

“Schilderen is net als het leven zelf, een verzet tegen de dood”.
Jopie Huisman, geboren en getogen in Workum, was een bijzonder mens met een filosofische inslag. Wars van verbeelding en pretentie koos hij voor de eenvoud.
Met zijn penseel vertelde deze grote schilder zijn eigen verhaal. Wat zijn ogen zagen wist hij over te brengen op het doek. De ziel van het leven werd vastgelegd. Het was een gave, waarop hij zich nooit liet voorstaan.

In het boek ‘De andere kant’ heeft de bekende publicist Albert van Keimpema de levensgeschiedenis van deze volksschilder op meeslepende wijze vastgelegd. Achter in het boek is een catalogus opgenomen van de jubileumtentoonstelling met 150 tekeningen, aquarellen en schilderijen. De stukken zijn particulier bezit en komen soms van ver buiten Nederland.

Ten tijde van de tweede wereldoorlog werd Jopie Huisman in het Duitse Kassel tewerk gesteld. Hij hield er een oorlogstrauma aan over en had in zijn latere leven soms last van waanvoorstellingen, angsten en depressies.
In zijn levensonderhoud voorzag hij aanvankelijk als voddenboer en oud ijzerman. Tussen de bedrijven door schilderde hij. Om zaken te doen met de handelaar in lompen en metalen moesten klanten soms doordingen tot in de slaapkamer, want Jopie lag vaak tot na twaalven in bed.
Na de scheiding van zijn eerste vrouw Eelkje was zijn ziel diep gekrenkt. Als een bezetene begon hij te schilderen en in deze periode produceerde hij zijn beste werk.
Zijn tweede huwelijk met Iet wordt in het boek een verstandshuwelijk genoemd.
Op latere leeftijd werd hij verliefd op Anneke, een 33-jarige studente van de kunstacademie in Zwolle, die een werkstuk over de kunstenaar wilde maken. Ze waren geestverwanten, ondanks een leeftijdsverschil van 34 jaar. Het bleek uiteindelijk een onmogelijke liefde te zijn. Jopie was nog getrouwd en Anneke werd -ook nog- verliefd op iemand anders. Toch zijn ze tot aan de dood van de schilder bevriend gebleven.
“Niemand krijgt zonder littekens het houten pak aan”, zei Jopie. Hij overleed op 29 september 2000.

De tentoonstelling ‘De ander kant’ is te zien t/m 6 november. Tegenover het Jopie Huisman Museum, Noard 5, Workum

Grijs verleden *****

7e Bernie Gunther
7e Bernie Gunther

Grijs verleden is het zevende boek met de Berlijnse politieman Bernie Gunther in de hoofdrol. De serie begint ruim voor de Tweede Wereldoorlog en met het zevende deel zijn we in 1954 op Cuba beland. 
Kerr heeft wederom een sterke (politieke) thriller afgeleverd waarbij de spanning ondergeschikt is aan een geweldige geschiedenisles.

Gunther wordt van een boot geplukt als hij een jonge vrouw in veiligheid wil brengen. De Amerikaanse inlichtingendienst wil informatie van hem over Duitse oorlogsmisdadigers en beschouwen Gunther zelf ook niet als brandschoon. Wat volgt zijn terugblikken afgewisseld met het heden waarbij Gunther met zijn persoonlijke overtuigingen en waarheid probeert te laveren langs autoriteiten en geheime diensten. Via Gunther schetst Kerr het “grijze verleden” van veel Duitsers waarbij enkele historische personages langskomen, o.a. Heydrich en Mielke. Erich Mielke is een fanatieke communist wiens arrestatie in het begin van de dertiger jaren door Gunther wordt voorkomen en die regelmatig opduikt in het leven van Gunther. De Amerikanen zijn op zoek naar Mielke. Mielke werd trouwens later minister van de Staatssicherheit (Stasi) in de DDR.

Het is eigenlijk verbijsterend hoe Kerr de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog in het verhaal weet te verweven. De gevangenkampen in het “vrije” Frankrijk, het opportunisme van mensen, de moordpartijen in de Oekraïne, de uitroeiing van de Joden, de wreedheid van het Rode Leger.

Kerr krijgt voor zijn thrillers altijd hoge waarderingen. Grijs verleden is een absoluut hoogtepunt in zijn oeuvre.