One-two-three-four echte vrienden

Fons Dellen - Echte vrienden
Fons Dellen – Echte vrienden

Het lijkt wel of we een kleine trend te pakken hebben.
Middelbare mannen die over oude mannenvriendschap schrijven.  Mannenvriendschap als een laatste bastion tegen de feminisering van de maatschappij, al spelen vrouwen natuurlijk een grote rol.
Bert Wagendorp met Ventoux, Rick Niemann met Altijd Viareggio. En nu dan Fons Dellen, oud punker, programmamaker bij de VPRO (Loladamusica) en oude held van mij.

Programmamaker Tom Derckx krijgt van zijn oude vriend Richard een brief uit een gevangenis in Duitsland. Hij is opgepakt met een koffer waarin, naast een verschoning, een kilo cocaïne zat. Samen met Richard, Bonno en Marva speelden ze in de Zwolse punkband Schmucks 44, Dellens eigen punkband uit vervlogen jaren.

Met een wisselend perspectief schetst Dellen de jaren 70 die ten einde lopen in een duffe provincieplaats en een vriendschap waarin oude loyaliteiten op de proef worden gesteld. Dat de brief van Richard zal leiden tot een puinhoop is meteen duidelijk, maar Dellen verbindt alle personages en verhaallijnen mooi aan elkaar. Sommige oude vriendschappen kun je het beste in het fotoalbum bewaren en koesteren.

Dellen is geen stylist als Wagendorp, zijn stijl is zonder opsmuk en direct. Echte vrienden is als een punksong, kort, stuiterend, rechttoe rechtaan en one-two-three-four de volgende graag, Fons Dellen!

Broadchurch, verrassend tweede seizoen

Broadchurch
Broadchurch

Soms word je in het leven aangenaam verrast. Je wint ’s een tientje in de Staatsloterij. Er ligt zomaar een nieuw boek van je favoriete schrijver in de bieb. Je slaat op straat een hoek om en je loopt tegen iemand aan die je al veel te lang niet hebt gezien. Zoiets.

Het eerste seizoen van Broadchurch was zo’n aangename verrassing. Goed verhaal, spannend, bijtende humor, maar vooral ook een mooi portret van Broadchurch, een van de sterke punten van de serie. Een kleine gemeenschap dat volledig op zijn kop gezet wordt door de moord op een jongen. Daarnaast spat de chemie tussen de twee geweldige hoofdrolspelers van het scherm.

Olivia Colman en David Tennant pingpongen hun spitse dialogen, terwijl ze elkaar steeds meer leren waarderen. Tennant, die door insiders de beste Dr. Who allertijden wordt genoemd, kan in zijn lekker sappige Schotse accent dingen zeggen als: “You should stop taking those asshole-pills“. Vind ik erg leuk.

Maar de nog grotere verrassing zit in het tweede seizoen. Het afgeronde verhaal uit het eerste seizoen krijgt een onverwachte wending. Een heftige wending die alles meteen op scherp stelt en bovendien ruimte geeft voor nieuwe verhaallijnen. Daarmee is dit tweede seizoen zelfs nog sterker dan het eerste.

Op IMDB krijgt Broadchurch een 8,4, ik rond dat af naar boven. Veel beter krijg je niet te zien op tv of tablet.

The greatest of all time

I am Ali
I am Ali   DVD

De documentaire I am Ali gaat veel verder dan een opsomming van de grote successen uit de bokscarrière van Mohammed Ali. Begonnen als Olympisch kampioen veroverde hij drie keer de wereldtitel in het zwaargewicht. De titels en de daaruit voortvloeiende naamsbekendheid gebruikte hij om op de komen voor de zwarte gemeenschap in de wereld.
Ali was een intelligente en principiële man. Toen hij weigerde te vechten in de Vietnamoorlog werd zijn boks licentie ingetrokken en moest hij voor drie jaar de gevangenis in.

Joe Frazier, één van Ali’s latere tegenstanders, maakte zich sterk voor een terugkeer in de ring van de boks legende. In 1974 daagde Ali wereldkampioen George Foreman uit. Dit legendarische gevecht werd bekend als de the rumble in the jungle en vond plaats in Zaïre in het hart van Afrika. Foreman huldigde de opvatting dat the best way to deal with the world was to become a monster. Hij beschikte over de hardste stoot uit het circuit en sloeg al zijn tegenstanders knock out. Maar Ali –float like a butterfly en sting like a bee- beschikte over meer techniek, snelheid en uithoudingsvermogen en won het gevecht door een knock out in de achtste ronde.

In de documentaire I am Ali komen familie, vrienden en tegenstanders uitgebreid aan het woord. De interviews zijn vaak ontroerend. Zo krijgen we een goed beeld van Ali als sportman, echtgenoot, vader en broer. Hoewel Ali weinig respect toonde voor zijn directe tegenstanders wordt hij alom neergezet als een vriendelijk en sociaal mens, dat opkomt voor de zwakkeren in de samenleving.
Al tijdens zijn actieve bokscarrière openbaarde zich bij hem de Ziekte van Parkinson. Mohammed Ali is inmiddels 72 jaar en kan bijna niet meer praten.
De documentaire toont een prachtig beeld van de man achter de legende, die uitgroeide tot de grootste bokser ooit.

Hoe verkoop je luiers?

John Kenney - Mijn valse leven
John Kenney – Mijn valse leven

Mijn valse leven is het leven van Fin Dunbar, een reclameman met een midlifecrisis. Net als in het vergelijkbare Wij van David Nicholls en Wachten op Doggo van Mark Mills (blogs vind je hier) rolt de humor van de pagina’s.

In het eerste deel van het verhaal wordt de reclamewereld neergezet als een wereld waar maar weinig mensen weten waar ze mee bezig zijn. Dat is vooral erg grappig, maar het verhaal krijgt pas diepgang als Fin hoort dat zijn vader op sterven ligt en je leest over zijn verleden. Het schrijnende verhaal van zijn jeugd laat zien waarom Fin eigenlijk zijn hele leven al een midlifecrisis heeft. Dan vindt het boek zijn balans net als in de twee eerder genoemde boeken. Het lijkt wel een trend, boeken over worstelende mannen die dankzij humor en zelfspot overeind blijven maar uiteindelijk dichter bij zichzelf komen. Al is dat een uitdrukking die de hoofdpersonen uit deze boeken waarschijnlijk een licht gevoel van misselijkheid zou geven.

Goed vertaald, scherpe dialogen, crisis, onvermijdelijke liefde, ontroering, de perfecte mix voor een feelgood verhaal. Ditmaal van John Kenney die zelf als copywriter voor een reclamebureau heeft gewerkt. Misschien dat hij daar ooit een campagne voor luiers moest schrijven. De luiercampagne in dit boek is zo absurd dat het wel op de werkelijkheid gebaseerd moet zijn.

Nog een tip als je niet genoeg krijgt van worstelende mannen: Jonathan Tropper.

Bureau Sport kiest originele invalshoek

Bureau Sport
Bureau Sport
Sportprogramma’s met een originele invalshoek zijn dun gezaaid. Vroeger had je FC Avondrood, dat werd opgevolgd door Voetbal ’80. Later kwam
Hollands Sport
en tegenwoordig is Bureau Sport het origineelste sportprogramma van de Nederlandse televisie. Kenmerkend voor dit laatste programma is dat clichés keihard worden afgestraft en details soms tot hoofdzaken worden opgeblazen. Daarnaast worden mysteries en mythen in de sport ontrafeld. De presentatoren Erik Dijkstra en Frank Evenblij zijn nauwelijks geïnteresseerd in topprestaties of het breken van records. Het gaat hen vooral om de mens achter de sporter. Over de achtergronden bij dit programma hebben zij een boek geschreven met de gelijknamige titel Bureau Sport.

Het boek –genomineerd voor Sportboek van het Jaar 2014- bevat mooie interviews met o.a. Ben Johnson , Christo Stoitsjkov en Freek de Jonge. Op vrijwel elke bladzijde staat een scherp citaat of een mooie foto. Freek de Jonge over het WK van 1990 dat voor Nederland op een fiasco uitliep: “Achteraf heb ik gedacht; ik had Nederland wereldkampioen moeten maken. Leo verwachtte dat van mij”.

Vast onderdeel in het boek is de verhoorwagen, waar een sporter verantwoording moet afleggen over een cruciaal moment in zijn carrière. Zo krijgt Jan Jongbloed na het zien van de doelpunten in de finale tegen West-Duitsland, waarin de doelman niet naar de hoek dook, de vraag voorgeschoteld of hij misschien bang was voor een vies broekje, terwijl er een wereldtitel op het spel stond.

Youp van ’t Hek schrijft verschillende columns (“De finale der finales. WK ’74. Potje tegen de buren”) en van zijn hand is een verhandeling over de belangrijkste bijzaken in de sport opgenomen.

Bureau Sport is een heerlijk boek voor de sportliefhebber die oog heeft voor het verhaal achter de sporter en er geen bezwaar tegen heeft dat de beslissende momenten uit iemands sportcarrière met humor en relativeringsvermogen tegen het licht worden gehouden.