Bipolaire stoornis in twee verhalen

Een merkwaardig toeval, afgelopen week las ik twee boeken met hetzelfde onderwerp. In beide boeken heeft de hoofdpersoon een bipolaire stoornis. Hoewel totaal verschillend zijn het allebei aanraders.
extenceEen gevoelige, komische roman over bipolaire stoornissen, voor de lezers van Het Rosie Project staat er op de voorkant van het boek van Gavin Extence. Nu gaat het in Het Rosie Project over een licht autistische man op het liefdespad, een beetje zoals Hugh Grant acteert in al die romantische komedies van hem. Een lekker fris en romantisch boek.
De spiegelwereld van Melody Black laat zien dat het levenspad van iemand met een bipolaire stoornis daar niet mee te vergelijken valt. Wel heeft Extence een kraakhelder boek geschreven met de nodige humor, maar het verhaal toont vooral de destructieve kant van een bipolaire stoornis.

De ontdekking van haar dode buurman Simon triggert de geest van Abby. Ze komt uit haar depressieve staat, gaat  steeds korter slapen en maakt navenant steeds grootsere plannen.
Dat ze zich weinig gelegen laat liggen aan de zorgen van de mensen die van haar houden, laat haarscherp zien hoe moeilijk het is om vat te krijgen op iemand die in de manische fase een onwerkelijke energie en geldingsdrang heeft.
Gavin Extence beschrijft in een nawoord over een gelijke fase in zijn eigen leven van depressie, slapeloosheid en hypomanie na een weekend van te veel XTC-pillen. Dit lees je pas achteraf, maar het verhaal over Abby komt zeer waarachtig over dankzij zijn eigen ervaringen.
Rest alleen nog een woord over de voorkant van het boek; ontzettend lelijk (sorry, dat zijn er twee).

nivenJennifer Niven schrijft in haar nawoord van Waar het licht is dat de roman gebaseerd is op de zelfmoord van een vriend van haar. Ze wil het taboe te lijf dat er hangt over zelfmoord en psychische stoornissen. Iets waar je je als lezer alleen maar bij kunt aansluiten als je dit overrompelende mooie verhaal hebt gelezen.

Finch en Violet vinden elkaar op de richel van de klokkentoren van hun High School. Beide met de gedachte er een eind aan te maken. Finch praat Violet naar beneden en stapt daarna zelf van de richel.
Dit is het begin van wederom een goede Young Adult, verrassend, voorzichtig, inspirerend en liefdevol. De gesprekken tussen Finch en Violet spetteren van de pagina’s en maken de ontluikende liefde invoelbaar.

Voor school beginnen ze een project over bijzondere plekken in de staat Indiana. Finch is de aanjager en al snel voel je dat er wat mis is met hem. Na een periode van slaap, zoals hij het noemt, lijkt hij onstuitbaar. Thuis, waar zijn gescheiden moeder en zijn twee zussen vooral langs elkaar heen leven, vinden ze zijn gedrag normaal. Ook Violet ziet de schaduwzijde van Finch niet, verliefd als ze is.
Het boek lees je uit met een brok in de keel. Niet vanwege sentimentele redenen, maar door het prachtig geschreven verhaal van Niven over twee verliefde mensen die tegen de grenzen van de liefde lopen.

Advertenties

Öland breien

mijnboek
Irene Pieters

dehaanDe laatste tijd (winter 2015) circuleren er op verschillende blogs en Pinterest veel patronen en afbeeldingen over het breien met meerdere kleuren wol : het z.g. inbreien, meestal Fair Isle breien genoemd. Wie de techniek al wat in de vingers heeft en van mooie wol een tijdloos vest of omslagdoek wil breien kan niet zonder dit boek.

Öland breien is geschreven door Marja de Haan, die een paar jaar geleden begon met haar winkel Trollenwol. Ze maakte kennis met wol afkomstig van het Zweedse eiland Öland. Ann Linderhjelm heeft hier het Ullcentrum opgericht, met als doel een goede afzetmarkt te ontwikkelen voor de wol van dit eiland. Waar de boeren ooit wanhopig de wol van hun schapen moesten verbranden omdat er geen interesse voor was, maakt zij het mogelijk dat breiers over de hele wereld, deze wol in heel veel subtiele kleuren kunnen gebruiken.

Marja werd importeur van de Ölandwol en is er daarna al vaak geweest. Thuis heeft ze de sfeer van het eiland omgezet in patronen voor omslagdoeken en vesten, maar ook kleinere dingen als sjaals, wanten en kussenhoesjes. De foto’s in het boek geven heel goed de sfeer en de kleuren weer, die je op dit bijzondere stukje Zweden ondergaat. De patronen zijn duidelijk beschreven, iemand met weinig ervaring zal met een klein project de techniek goed in de vingers krijgen.

En die omslagdoeken…..ge-wel-dig! Als je zo eentje af heb, mag je jezelf uitgebreid op de schouder kloppen: je hebt een topstuk gemaakt, een tijdloos kledingstuk voor je garderobe én je bent nooit weer koud!

De pruimenboom en De offers

Twee romans die spelen rondom de Tweede Wereldoorlog. Ieder boek laat op zijn eigen wijze zien dat er in een oorlog heel veel slachtoffers zijn. Niet alleen in de landen die aangevallen worden maar overal en in alle lagen van de bevolking. Hoe mensen klem zitten tussen geloof, hoop en waarheid. Maar wat is de waarheid? En van wie is die waarheid? Wie is goed en wie is fout?
Beide boeken hebben veel indruk op mij gemaakt.

De Pruimenboom van Ellen Marie Wiseman begint het verhaal in Duitsland, 1938. Het gaat over de zeventienjarige Christine Bolz die verliefd wordt op de Joodse Isaac. Maar hun dromen worden wreed verstoord door de opkomst van het regime van Hitler. Al blijft Christine trouw aan haar grote liefde. Een indringend verhaal van een familie die verscheurd wordt door de liefde voor hun land en de groeiende nazi-terreur. Ook als de oorlog is afgelopen heeft die nog steeds grote invloed op hun leven.

pruimenboom

De Offers van Kees van Beijnum is een boek dat minder gemakkelijk leest dan bovenstaande roman. Het verhaal start in Tokio, 1946. De Nederlands rechter Rem Brink is één van de rechters van het Tokio Tribunaal, waar de grootste Japanse oorlogsmisdadigers terechtstaan. Wie is er eigenlijk schuldig en waarom? En wat is de invloed van de machtsspelletjes van zijn collega rechters uit verschillende andere landen?
Brink ontmoet de Japanse zangeres Michiko, die tijdens de bombardementen op Japan haar ouders heeft verloren en er ontluikt een liefde. Hoe gaat Brink hier mee om terwijl hij in Nederland een vrouw en kinderen heeft. Blijft hij trouw aan zijn principes of overtreedt hij de wet om een leven te redden.
Een roman waar ik eerst even in moest komen, ook omdat het Japanse leven mij vreemd is. Maar zeker een roman waarvan ik blij ben dat ik het niet aan de kant heb gelegd.

Het boek van Kees van Beijnum wordt besproken in de bieb van Wommels op donderdag 18 februari om 20.00 uur. U bent van harte welkom.

offers

 

Weg met die geiten!

Neem een geit: leven voor gevorderden

Boeken die hoog scoren op de bestsellerlijsten hebben in feite geen aandacht nodig in de vorm van een bericht op ons weblog. Waarom dan schrijven over ‘Neem een geit’ van cabaretier Claudia de Breij? Eerlijk gezegd was het de titel die me nieuwsgierig maakte en als je het boek toch leest kun je er net zo goed een berichtje over schrijven.

Claudia de Breij is inmiddels 40 (ze doet er niet geheimzinnig over) en mist op deze leeftijd de adviezen en levenslessen die over je worden uitgestort als je jong bent. Dus ging ze te rade bij mensen die inmiddels een leeftijd hebben bereikt waarop je wordt geacht een aantal wijsheden te hebben verzameld. Samen met haar geliefde, journaliste Jessica van Geel, sprak ze met Hedy d’Ancona, Hanneke Groenteman, Hans Wiegel, Paul van Vliet, Nico ter Linden en anderen. Ze stelde hen vragen over leven en dood, ouders en kinderen, liefde en seks, schuldgevoelens en werk. Hoe pakken zij het aan? Wat hebben ze geleerd en wordt het allemaal gemakkelijker als je ouder wordt?

In korte hoofdstukken krijgen we hun antwoorden op grote en kleine levensvragen. Soms zijn dat open deuren of kun je er niet zoveel mee, maar dan ineens staat er een pareltje tussen. Dit alles op vlotte en soms humoristische wijze, maar vaak serieuzer dan je zou verwachten. De 69 hoofdstukjes hebben titels die de lading dekken: Act your age, Wees trouw, Gezondheid is vrijheid, Ga op tijd weg, Slaap er een nachtje over.

En die geit? Dat verhaal komt via Hanneke Groenteman. Een man wordt gek van de drukte in zijn piepkleine huisje met vrouw en vijf kinderen. De rabbi geeft raad: neem een geit. Die geit zorg voor nog meer drukte en rommel in huis en de man gaat radeloos terug naar de rabbi. Advies van de rabbi? Doe de geit weg. Gevolg is, dat de drukte in huis best lijkt mee te vallen. Vertaald naar onze eigen situatie: herken de geiten in je leven en doe ze weg. Of nog beter: haal ze niet eens in huis.

Op Hebban.nl staat een interview met Claudia de Breij

hebban.nl

Paradise village, roadtrip van een vader en zoon

mijnboek
Dina Eringa

umbgroveAfwisselend wordt in de ik-vorm het verhaal verteld door Frank, bankier en zijn zoontje Thomas, die met zijn tweeën een autoreis door het westen van Amerika maken.

De reis is een vlucht en Frank vertelt wat er aan de vlucht uit Nederland vooraf ging.
Hoe hij als CEO van een grote bank, zoals hij zelf zegt “eerlijk, hardwerkend, hard voor zijn medewerkers, veel geld verdienend en rijk levend”, ontslag krijgt daardoor thuis zit en belaagd wordt door journalisten. Zijn medebestuurders negeren hem en met zijn zoon ontvlucht hij alle sores voor een korte vakantie naar Amerika. Daar trekken ze rond, logeren in motels en ontmoeten mensen van diverse pluimages. Frank komt tijdens de reis steeds meer tot het besef dat hij zijn zoontje Thomas niet kent en verwachtigen van hem heeft die niet reeel zijn. Langzamerhand dringt het tot hem door dat Thomas anders is, creatief, lief en positief, maar geen studiebol.

Het verhaal eindigt in Paradise village als Thomas wegloopt en de vader zich afvraagt wat hij fout gedaan heeft, “behalve alles wat hij als vader heeft fout gedaan”.

Paradise village is een makkelijk lezend verhaal, dat op lichtvoetige wijze een kijkje geeft in de gedachtewereld van een vader en (oud) bankier en zijn zoontje. Een boek voor een paar lekkere ontspannende uurtjes.

Wat een man!

Jean – Bart Jungmann

Tien jaar lang woonde hij in een kasteel en werd de koning van Limburg genoemd. Van Limburg én omstreken voegde hij er zelf altijd fijntjes aan toe. Volkskrant journalist Bart Jungmann heeft de biografie geschreven met de titel ‘Jean’. De ondertitel van dit boek zou kunnen luiden: Van kasteelheer tot zwerver.

In het voorwoord van wielerliefhebber Bert Wagendorp wordt Jean Nelissen (1936-2010) neergezet als een aimabele Limburger, larger dan live en voortdurend bezig met z’n eigen mythevorming. Na een korte carrière als wielrenner stort Jean Nelissen zich met hart en ziel op de journalistiek. Hij ontwikkelt zich tot een  nieuwsterriër, een geboren journalist die voortdurend op zoek is naar primeurs. Nelissen werkt niet bij de krant om vrienden te maken en is nooit te beroerd om met een primeur van een collega aan de haal te gaan. ‘De Neel’ heeft een enorme geldingsdrang en wil scoren. Soms wordt hem onbetrouwbaarheid verweten, omdat hij de waarheid mooier of lelijker maakt en halve leugens verkondigt.

Op het toppunt van zijn roem bewoont hij Kasteel Geulzicht. De kasteelheer heeft 42 kamers tot zijn beschikking. Als hij ’s morgens naar de krant gaat om een stukje te schrijven heeft hij 30 schilders aan het werk. Het onderhoud van het Kasteel kost hem handen vol geld en heeft misschien wel tot zijn financiële ondergang geleid.

Vanaf 1979 verslaat hij samen met Mart Smeets de Tour de France. Smeets leert hem kennen als een groot vakman die Nederland het wielrennen heeft bijgebracht. Een chroniqueur en verhalenverteller met een mooie stem. Toch was het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Smeets leerde meer en meer de donkere kant van Nelissen kennen. Het geheim dat deze bourgondische Limburger lang met zich mee droeg betekende uiteindelijk zijn ondergang. Gevraagd naar een beschrijving van Jean Nelissen komt Smeets tot de volgende woorden: Wat een man, jezus wat een man!

Bart Jungmann is diep in de archieven gedoken en heeft er een mooi verhaal van gemaakt. Het boek is niet alleen een prachtig portret van het veelbewogen leven van een mijnwerkerszoon. Ook de mijnbouw in Limburg en de opkomst van de sportjournalistiek in de jaren 50 wordt goed beschreven. De lezer veert voortdurend mee met de hoofdpersoon en voelt zowel bewondering als medelijden. Maar de bewondering overheerst als met tegenzin de laatste bladzijde  wordt omgeslagen. Je denkt alleen nog maar: Wat een man!

 

Favoriete begintitels tv-series

Als je met een tv-serie begint, is de begintitel de binnenkomer. Een goede begintitel met intrigerende, duistere of vrolijke beelden zet de toon van wat je te wachten staat.
Hoe goed de begintitel ook is, meestal begint het grote doorspoelen van de begintitels bij aflevering drie. Gewoon, omdat je het deuntje niet meer kunt aanhoren.  Zoiets als Bohemian Rapsody, of eigenlijk alles van Queen.
Hieronder mijn favoriete begintitels, in willekeurige volgorde. Heb je aanvullingen, dan hoor ik het graag!

Six Feet Under
De formidabele Thomas Newman heeft o.a. de soundtrack van Spectre en Road to Perdition geschreven. Zijn begintune voor Six Feet Under hoor ik nog regelmatig in mijn hoofd.


The Bridge
Hollow Talk van Choir of Young Believers heb ik geen enkele keer doorgespoeld omdat het je meteen in de sfeer van de serie brengt en het een fascinerend nummer blijft.


Game of Thrones
Heerlijk bombastisch en met elk nieuw seizoen weer nieuwe steden of nederzettingen in het bijbehorende clipje. Brengt je meteen in een fantasy-stemming.

True Blood
Beelden en muziek zetten je in Bon Temps, Louisiana, waar het niet pluis is. Let vooral op de man in de schommelstoel met zijn lach van “Ik een rare man? Kijk toch hoe vriendelijk ik lach”.

Dexter
Ik weet niet hoe Dexter uiteindelijk afloopt, maar heb het lang volgehouden. De begintitels niet, hoe goed ze ook zijn. Met 1.40” duren ze wel wat lang. Maar al het gesnij in fruit en vlees geeft goed aan wat je te wachten staat.


The Walking Dead
Onsmakelijkste tv-serie aller tijden. De zombies zijn niet zo snel en komen bij bosjes om het “leven”. De begintitels van deze horrorserie huiveren al lekker.


Mad Men
Veel cooler krijg je ze niet, het lekkere korte beginfilmpje van deze serie is moderne retro. Helaas kon ik de hoofdpersoon, Don Draper, niet uitstaan, dus ben blijven hangen na 1 seizoen.


Orphan Black
Zo moet het ongeveer zijn als je met een hallucinerende paddenstoel in je mik naar een natuurdocumentaire van David Attenborough kijkt.

House of Cards
Jazzy timelapse als kennismaking met de grote manipulator Frank Underwood. Goed gedaan, maar door zijn lengte voorbestemd om doorgespoeld te worden.


Twin Peaks
Moeder van alle begintitels. De serie van David Lynch laat zijn ware gezicht niet zien in de begintitel. Twin Peaks oogt als een idyllisch houthakkersstadje ergens in de VS. Maar schijn bedriegt, het kwaad sluipt de huiskamer binnen onder de mooie muziek van Angelo Badalamenti.