Schrijft hij nu alweer over Robotham?

Een nieuwe Robotham is altijd een feest. Op dit moment valt er weinig te vieren, dus blijf ik lekker bloggen over deze Australiër in Britse dienst. Joe O’Loughlin is een klinisch psycholoog met de ziekte van Parkinson en hoofdpersonage van negen thrillers. Behalve een kleine vermelding in Meisje zonder leugens speelt hij geen rol in dit tweeluik, maar O’Loughlin heeft aan de universiteit gedoceerd waar Cyrus zijn opleiding heeft genoten. Een knipoog naar de lezers van zijn boeken.

Cyrus Haven is een forensisch psycholoog met een enorm jeugdtrauma. Bij Robotham geen personages zonder fysieke of psychische rugzak. Hoe de schrijver het doet weet ik niet, maar met een paar eenvoudige penstreken weet hij altijd geloofwaardige personages neer te zetten waar je onmiddellijk sympathie voor voelt.

Cyrus Haven wordt in Meisje zonder verleden door een studievriend gevraagd te praten met een meisje dat in een jeugdinstelling regelmatig de boel ontregeld. Hij moet bepalen of deze Evie de instelling mag verlaten, omdat ze zegt dat ze 18 is. Evie is een raadsel. Zes jaar geleden is ze gevonden in een huis waar wekenlang een lijk heeft liggen te rotten. Totaal verwaarloosd en misbruikt. Niemand weet wie ze is en haar plaatsing in de instelling is ook geheim.

Evie heeft een gave, al vind ze het zelf een vloek. Ze ziet of iemand liegt en laat Cyrus daar nou net een proefschrift over hebben geschreven. Over menselijke leugendetectors. Haar gave maakt dat ze de mensen om haar manipuleert en angst aanjaagt. Cyrus raakt gefascineerd door de jonge vrouw en wordt meegesleurd in een verhaal waar spoken uit het verleden opduiken. Wat heeft Evie meegemaakt, wie heeft haar misbruikt en wie zit achter haar aan?

De boeken vormen een perfecte tweeluik en het is zwaar aanbevolen om ze vlak achter elkaar te lezen. Nagelbijtend spannend met een lekker plot en personages om bij in te trekken.