Magma

Magma is het eerste deel van de Cold Case-serie en het boek sprak mij voornamelijk aan omdat het geschreven is door een forensisch rechercheur die in het coldcaseteam zit van Amsterdam. Magma gaat ook over een cold case, namelijk over de verdwijning van de 18-jarige Sasha. Haar verdwijning werd vergeten omdat diezelfde avond de dochter van een minister was verdwenen. Zij werd gevonden, maar Sasha niet.

Journalist Lyn Riley, die in oorlogs-en rampgebieden is geweest, is terug in Nederland. Na de vondst van het lichaam van de vermiste docent Roger van Merle besluit Lyn om een artikel te schrijven over de vermiste Sasha. Haar artikel heeft invloed en de zaak krijgt prioriteit. Er wordt zelfs een speciaal team in Den Haag opgericht voor vermissingen. Lyn krijgt de optie om samen te werken met dit team. Maar niet iedereen is blij dat Lyn een artikel heeft geschreven over Sasha en Vichy, de dochter van de minister. Er wordt van alles gedaan om bepaalde gebeurtenissen van die avond niet bekend te laten worden, maar Lyn is vastberaden om uit te zoeken wat er met Sasha is gebeurd.

Magma begint met een interessante proloog en daarna wordt er verteld vanuit het perspectief van journalist Lyn Riley. Lyn is een interessant personage. Ze heeft veel meegemaakt, omdat ze in oorlogsgebieden is geweest. Maar het interessantste aan haar achtergrond: wie is ze eigenlijk? Wat is er in haar verleden gebeurd wat niemand mag weten? Waarom is ze eigenlijk zo geïnteresseerd in vermissingen in Nederland, terwijl ze artikelen schrijft over oorlogs-en rampgebieden. Allemaal vragen die langzaamaan beantwoord worden in het verhaal. Ik vind Lyn een leuk personage en ik ben ook benieuwd hoe ze zich gaat ontwikkelen in de volgende delen. In het begin wordt kort verteld over de vondst van de docent Roger van Merle, maar dit wordt niet verder uitgewerkt. Wat er met Roger is gebeurd, blijft een raadsel.

Carina van Leeuwen heeft een fijne schrijfstijl waardoor het boek heerlijk vlot doorleest. Het duurt een tijdje voordat er wat vaart komt in het onderzoek naar Sasha en ik kan het boek niet als spannend omschrijven. Ik vind het meer een mysterie dan een thriller, maar dat betekent niet dat ik het boek niet goed vind. Tijdens het lezen heb ik genoten en kon ik hem moeilijk neerleggen. Ondanks dat er geen spanning aanwezig is, wou ik toch graag weten hoe het zou gaan aflopen. Het boek eindigt met een cliffhanger, waardoor ik uitkijk naar het tweede deel.

Magma is een interessant eerste deel van de Cold Case-serie, een prima thriller van Nederlandse bodem.

Antonia Scott

Het is een beetje flauw, maar tijdens het lezen van de trilogie rond Antonia Scott van Juan Gómez-Jurado moest ik terugdenken aan Lisbeth Salander van Stieg Larsson. Een heldin van de buitencategorie met de nodige eigenaardigheden maar vooral erg begaafd.

Scott is mensenschuw en behept met een enorme intelligentie. Ze werkte voor De Rode Koningin. Dit is een internationale organisatie die in het geheim opereert, in het leven geroepen om grote misdaden te bestrijden. Haar werkterrein is Spanje. Op het moment dat de trilogie begint is ze depressief en komt ze haar appartement niet uit.

Rechercheur Jon Gutiérrez van de Madrileense politie krijgt, na een beschuldiging van corruptie, een zaak toegeschoven om zijn eigen reputatie weer wat op te schroeven, maar vooral om Scott bij de zaak te betrekken. Scott laat zich overhalen en onder leiding van Mentor van de organisatie De Rode Koningin storten ze zich op de zaak.

Hiermee hebben we een mooi speurdersduo, de frêle Scott naast Gutiérrez, een boom van een homoseksuele kerel. Scott mediteert elke dag een paar minuten over hoe ze zelfmoord kan plegen. Dat zorgt ervoor dat de apen in haar hoofd rustig worden. Apen, zo noemt ze de rond stuiterende gedachten die ze nauwelijks weet te hanteren. Scott haar kracht is dat ze dingen ziet en verbanden legt, zaken die niet zijn weggelegd voor een gewone sterveling. Dat komt overigens wel met een prijs. Gutiérrez hangt met zijn twee meter erg aan zijn oude moeder, maar weet in de trilogie voor Scott onmisbaar te worden door zijn innerlijke en fysieke kracht.

De trilogie is alleen te lezen in de juiste volgorde. Achter de moordzaak verschijnen de contouren van een tegenstander waar ze geen grip op krijgen. De schrijver geeft deze nemesis langzaam gestalte in de drie delen. Alle gebeurtenissen, alle plotwendingen worden in het laatste deel op een formidabele manier samengeknoopt. Een absolute aanrader deze trilogie die je wel achter elkaar moet lezen om alle lijntjes nog helder te houden. We hebben niet allemaal zo’n hoog functionerend brein als Scott.

En onthutsende familiegeschiedenis

Anita Terpstra wist niet meer van het dorp Harkema dan dat haar grootouders er waren geboren. Ze dook de archieven in en kwam daar met een onthutsend verhaal over zeven familiegeneraties weer uit tevoorschijn. Zo ontdekte ze dat spitkeet een ander woord is voor plaggenhut. Tegenwoordig is de Spitkeet een openluchtmuseum waar men kan ervaren onder welke omstandigheden de mensen woonden en leefden in dit Friese dorp. Tot halverwege de twintigste eeuw had men plaggenhutten, kippenhokken en holwoningen als onderdak. Zelfs als verblijfplaats voor een dier waren de holen nauwelijks goed genoeg.

Met soms wel veertien kinderen was de gezinssamenstelling groot en de kindersterfte hoog. Aan deze verpauperde regio, waar de grond weinig vruchtbaar was, werd door overheid en kerk nauwelijks enige aandacht geschonken. De werkloosheids- en criminaliteitscijfers lagen hoger dan elders in Friesland en het was armoede troef in dit heidegebied. De Harrekieten stonden bekend als een eigenzinnig volkje dat moest opboksen tegen het (voor)oordeel van messentrekkers, vechtersbazen, alcoholisten en onbetrouwbaar werkschuw tuig.

Door de erfenis uit vroeger jaren is Harkema nog steeds een berucht dorp. Maar de bewoners wisten zich in twee eeuwen grotendeels aan de armoede te ontworstelen. Tegenwoordig heeft het dorp enige landelijke bekendheid door de successen van de plaatselijke voetbalvereniging Harkemase Boys. In 2003 werd de club zelfs kampioen van de landelijke hoofdklasse in het amateurvoetbal.

Met het boek ‘Al mijn moeders’ wil Anita Terpstra haar voorouders eren en een plaats in de geschiedenis geven. Moeders die het ene kind na het andere baarden en keihard werkten. Hun inspanningen brengt de schrijfster voor het voetlicht en hun levens moeten aan de vergetelheid worden ontrukt, zo lezen we in het nawoord. Door gedegen onderzoek te paren aan een vlotte schrijfstijl, is ze daar ruimschoots in geslaagd.

Onze verloren harten

De ouders van Celeste Ng zijn eind jaren 60 van Hong Kong naar de VS verhuisd. Dat ze in de loop van jaren geconfronteerd is met haar “anders zijn”, ligt voor de hand, maar de aanleiding voor Onze verloren harten ligt in het jaar 2016. Eigenlijk was ze een boek aan het schrijven over een moeder, een zoon en haar kunstenaarschap. Met op de achtergrond Trump, gezinnen die aan de grens uit elkaar werden gerukt en de corona epidemie waar Aziaten de schuld van kregen, veranderde haar verhaal.

De economie van de VS herstellende van een enorme crisis. Een crisis waar China de schuld van kreeg. De regering besluit tot extreme maatregelen. Amerikanen van Chinese afkomst, en daarmee eigenlijk iedereen die een Aziatisch uiterlijk heeft, worden gedwongen trouw te zijn aan de vlag. Onder een nieuwe wet, PACT, krijgen de autoriteiten veel ruimte om het leven van deze inwoners aan banden te leggen. Je kunt zonder veel aanleiding opgepakt worden, boeken in bibliotheken worden uit de collectie gehaald en kinderen van Aziatische inwoners kunnen zonder pardon weggehaald worden en bij “patriottische” gezinnen worden ondergebracht.

Met deze dreiging op de achtergrond probeert Ethan zijn 12-jarige zoon Bird op te voeden en veilig te houden. De moeder van Bird is 3 jaar eerder van de een op de andere dag uit hun leven verdwenen om haar gezin veilig te houden. Zij is van Chinese afkomst en erger, ze heeft een gedichtenbundel gepubliceerd waar de strofe “onze verloren harten” uit komt. Die zin wordt gebruikt door mensen die zich verzetten tegen de overheid.

Als Bird 15 is, gaat hij op zoek naar zijn moeder. Halverwege het boek verandert het perspectief en lees je het verhaal van Margaret. Ondergedoken, afhankelijk van goedwillende inwoners is ze uit het zicht gebleven van de overheid. Ze heeft die jaren gebruikt om via een netwerk van bibliotheken, de verhalen op te tekenen van ouders die rouwen om hun kind dat is weggehaald door de autoriteiten.

De kracht van het verhaal ligt erin dat alles wat ze schrijft meer dan plausibel is. Antidemocratische krachten worden na de bestorming van het Capitool sterker. Boeken worden op dit moment uit de collecties van scholen en bibliotheken gehaald. Het anti-Aziatische is aan de orde van de dag.

De actie die Margaret jarenlang heeft voorbereid en waarmee het boek eindigt is van een grote schoonheid. Of de actie iets verandert in de autocratische maatschappij die de VS zijn geworden, wordt in het midden gelaten. Het is van levensbelang om verhalen te vertellen. Met die boodschap laat de schrijfster je achter, somber gestemd en tegelijk ook geraakt.

Augustus

De achtjarige Jack Thatch woont bij zijn tante Jo, nadat zijn ouders zijn verongelukt. Wanneer hij samen met zijn tante het graf van zijn ouders bezoekt, ontmoet hij Stella. Deze mysterieuze ontmoeting laat Jack niet los en hij raakt geobsedeerd door Stella. Wie is dit meisje? Wie is de vrouw die bij haar was? Allemaal vragen die door zijn hoofd spoken. De volgende dag gaat hij terug naar de begraafplaats, maar Stella is er niet. De dagen daarop ook niet. Tot een jaar later. Op 8 augustus, wanneer Jack het graf van zijn ouders bezoekt, is ook Stella weer aanwezig op de begraafplaats.

Al enkele jaren wordt er op 8 augustus een lijk gevonden. Het lichaam is volledig verbrand, maar de kleding is intact. Detective Faustino Brier tast in het donker naar antwoorden op deze moorden. Zijn enige aanwijzing zijn de vingerafdrukken van Jack Thatch, die gevonden zijn op de ID-kaart van het laatste slachtoffer. Maar een kind kan onmogelijk iets met deze moordzaak te maken hebben. Of wel?

Augustus speelt zich af in verschillende jaren, van 1984 tot en met 2020. Jack is acht jaar wanneer hij Stella ontmoet. Door de jaren heen zie je Jack opgroeien. Zijn obsessie met Stella wordt groter en je vraagt je af wie Stella precies is. Waarom vindt elk jaar op 8 augustus een moord plaats? Heeft Stella hier iets mee te maken? Allemaal vragen die langzaamaan door het verhaal heen worden beantwoord. Niet alleen lees je vanuit het perspectief van Jack, maar ook vanuit die van detective Faustino Brier. Hoe kan iemand verbrand zijn, terwijl de kleren intact zijn? Verder worden de hoofdstukken af en toe afgewisseld met stukken uit een logboek. In deze logboeken wordt gesproken over een Persoon ‘D’. Wie deze persoon is wordt door het verhaal heen steeds duidelijker.

Augustus is een dikke pil van bijna 700 pagina’s lang. Eigenlijk had het boek wel 100-150 pagina’s korter gemogen van mij. De afwisseling van de verschillende perspectieven en de logboeken zijn een interessante toevoeging aan het verhaal. De eerste helft van het boek vond ik goed, maar de tweede helft verloor het grotendeels mijn aandacht. De richting waar het verhaal op ging, was voor mij teleurstellend. Net zoals Barker zijn vorige boek Oorverdovend, die hij samen heeft geschreven met James Patterson, bevat het boek sciencefictionelementen, en hier moet je van houden. Het plot is prima opgebouwd, de hoofdstukken zijn niet te lang en de schrijfstijl is prettig. Toch had ik meer verwacht van Augustus. Het is een prima boek, maar ik hoop dat Barker met zijn volgende boek wat meer richting zijn Sam Porter-serie gaat in plaats van deze sciencefictionthrillers.

L’investigatore privato

Contrera is een schepping van Christian Frascella, de schrijver die ik ken van Ik ben de sterkste. Een prachtig en rauw boek met een hoofdpersoon die net zo’n einzelgänger is als Contrera, de hoofdpersoon uit deze serie thrillers.

Contrera, geen voornaam, woont in de wijk Barriera di Milano in Turijn. Een armoedige, multiculturele wijk. Hij is ontslagen als politieman nadat hij cocaïne wilde stelen uit de bewijskamer. Dankzij zijn vader, wel een gerespecteerde politieman, hoefde hij niet het gevang in. Omdat de opties minimaal waren, is hij een carrière als  linvestigatore privato begonnen, oftewel een private eye in goed Engels. Hij houdt kantoor in een wasserette, met als enige inventaris een stoel en een koelkast voor zijn coronabiertjes. Hij heeft geen cent te makken. Zelfs in Italië valt er geen droog brood te verdienen met overspel.

Contrera heeft een ex en een puberdochter, met wie hij voortdurend in de clinch ligt. Hij slaapt al jaren bij zijn zuster Paola, de enige vrouw die onvoorwaardelijk van hem houdt, tot grote ergernis van zijn zwager. Liefde krijgt hij ook van de beide kinderen van Paola, daarmee houdt het met de liefde wel op.

Contrera’s karakter is op z’n zachtst gezegd hopeloos. Hij ging vreemd. Zijn ex trouwens ook met een toenmalige collega, die nu zijn beste en enige vriend is. Wilde met de opbrengsten van de cocaïne naar Costa Rica. Zonder vrouw en kind overigens. Hij stapelt leugen op leugen om zich uit situaties te redden die hij zelf gecreëerd heeft, waardoor zijn leven steeds ingewikkelder wordt. En is als veertigjarige erg gevoelig voor mooie vrouwen.

In het eerste deel van de trilogie blijft het nog redelijk binnen de perken met zijn karakterfouten, maar in het tweede deel loopt het behoorlijk uit de hand. Het zorgt wel voor de nodige humor, want hij kan het eigenlijk niet helpen. Zijn mond is sneller dan zijn brein, om over zijn libido maar te zwijgen. Met al zijn tekortkomingen vergeet je als lezer bijna dat Contrera wel een hele goede speurder is. Waar de politie het allang heeft opgegeven of verkeerde conclusies heeft getrokken, weet Contrera de ware toedracht te ontrafelen.

Voor liefhebbers van het private eye genre is Contrera een personage om van te houden en bovendien zijn er drie delen vol gênant gedrag, lijken, knappe vrouwen en familieproblemen. Genoeg redenen om deze thrillers te lezen.

Nog even over de omslagen van de serie. Die zijn van Claudia Claas. Ze springen er echt uit in dit genre waar uitgevers elkaars ontwerpen vooral lijken te kopiëren. Ik vind ze prachtig in al hun eenvoud en de weergave van aanwijzingen uit het verhaal.

Dochter van de vuurhoeder

Daunis heeft een witte moeder en een vader die behoorde bij de Ojibwe-stam. Zij is de dochter van de vuurhoeder, degene die bij ceremonies verantwoordelijk is voor het vuur. Haar gemengde afkomst zorgt er voor dat ze heen en weer geslingerd wordt tussen twee werelden, de stad in Michigan waar ze woont en het reservaat van de Ojibwe. Het verlies van haar vader en de recente dood van haar oom David hebben haar getekend. Met David had ze een sterke band en ze twijfelt aan de officiële lezing van de doodsoorzaak. Hij zou zijn overleden aan een overdosis meth.
Ze staat op het punt om te gaan studeren en daarmee te verhuizen naar een andere staat, als haar beste vriendin Lily voor haar ogen wordt vermoord door een vriend die verslaafd is geraakt aan meth.

In de aanloop naar de moord lees je veel over de gebruiken en de positie van de inheemse bevolking, waar ijshockey een belangrijke rol speelt in het leven aan het Bovenmeer. Waar drugsverslaving een groot probleem is.
Daunis begint voorzichtig een relatie met Jamie die is aangetrokken om het ijshockeyteam te versterken. Na de moord op Lily wordt ze benaderd door de FBI om undercover te gaan en te helpen bij het ontrafelen van de drugshandel in het gebied. Het verhaal van Daunis leest lekker weg, maar krijgt een nieuwe dimensie als dit thrillerelement het verhaal binnensluipt.

Het leven van de stam in het huidige Amerika krijgt alle ruimte van de schrijfster, Angeline Boulley. Ze is zelf lid van de Ojibwe-stam en vond dat er te weinig verhalen zijn over inheemse vrouwen. De tekst is gekruid met niet vertaalde woorden en zinnen in de taal van de stam. Met haar debuut heeft ze een lekker weg lezende Young Adult geschreven, die de lezer meezuigt in de wereld van de oorspronkelijke bewoners van de Verenigde Staten.

De ijskring

Jessica Niemi worstelt nog steeds met de dood van haar voormalige baas. Ook de sfeer op haar werk is veranderd na de gebeurtenissen in De trouwe lezer. Er is een nieuwe baas, Helena, die haar overduidelijk niet kan uitstaan en er alles aan wil doen om van Jessica af te komen. Daarnaast wil haar collega Nina haar niet in de ogen aankijken. Ze heeft een goede band met Jusuf, die langzaamaan weer zichzelf begint te worden. Doordat er hier en daar wordt gerefereerd aan het vorige deel, is het verstandig om eerst het vorige deel, De trouwe lezer, te lezen.

Jessica en haar team staan voor een verdwijning van twee bekende Finse influencers, Lisa en Jason. Na een albumrelease party zijn ze beiden spoorloos verdwenen. Niet lang daarna wordt er een foto geplaatst op Lisa’s Instagram van een vuurtoren met in de beschrijving een gedicht; een gedicht dat haar dood beschrijft. Jessica komt er al snel achter dat elk spoor dood lijkt te lopen en het onderzoek schiet niet op. Totdat ze de ontdekking doet dat de twee influencers beiden een duister geheim hebben en betrokken zouden zijn bij iets groots en gevaarlijks. De ijskring wordt verteld vanuit verschillende perspectieven, waaronder die van Jessica en een aantal van haar collega’s.

In De trouwe lezer werd de lezer duidelijk gemaakt dat Jessica niet helemaal 100% is en dat zij dingen ziet die er niet zijn. Ook in dit deel komt het een paar keer voor dat ze verontrustende dingen ziet en ze de stem van haar overleden moeder hoort. Dit weerhoudt haar er niet van om haar werk goed uit te voeren. Ze is vastberaden om uit te zoeken in welk duister net de influencers zijn beland en wat er met hen is gebeurd. Hebben ze hun verdwijning in scène gezet of is er iets ergs met ze gebeurd?

De schrijfstijl van Max Seeck vind ik prettig en vlot weglezen. De plot is makkelijk te volgen en is goed uitgewerkt. Er zitten een aantal verrassende plotwendingen in het verhaal, maar de spanning vond ik matig. Het duurt een tijdje voordat er dingen gebeuren en het onderzoek op gang komt, maar dat maakt het verhaal niet minder interessant. Het einde is netjes afgerond en ik kijk uit naar het derde deel!

De ijskring is het vervolg op De trouwe lezer.

Twee boeken die keihard binnenkomen

Wanneer je op goed geluk wat boeken mee naar huis neemt en de achterflap niet leest, is de kans aanwezig dat je voor verrassingen komt te staan. Gelukkig vind ik dat nu juist een fijne manier van lezen maar sommige verhalen zie je echt totaal niet aankomen. En dat komt binnen. Hard zelfs. Het verbaast me keer op keer hoe ontzettend ik geraakt kan worden door een boek. Chapeau voor al die indrukwekkende auteurs, ik ben zo blij dat jullie er zijn! 🙂

Zo las ik een paar weken geleden Reminders of him van Colleen Hoover.
De Nederlandse versie, dat wel, maar de Engelse titel staat nogal prominent op de cover. Herinneringen aan hem is een hartverscheurend verhaal dat erg veel indruk op me gemaakt heeft.

Het bewijst op een totaal open-minded manier dat de dingen niet altijd zijn wat ze lijken. Cryptisch? Mwoah, valt mee hoor. Maar ik wil hier absoluut niets verklappen over de inhoud. Geniet, net als ik, onvoorbereid van dit aangrijpende boek.

Daarna las ik Wat er te redden viel van Liese O’Halloran Schwarz. Alweer zo eentje die onder je huid kruipt. Je zintuigen worden meteen al op scherp gezet in de eerste hoofdstukken door een raadselachtig mailtje dat allerlei emoties oproept. Daarna springt het verhaal een dikke 40 jaar terug in de tijd en leer je vanuit verschillende invalshoeken de hoofdpersonen kennen.

Ik moet eerlijk toegeven dat ik zo nu en dan bijna knapte van nieuwsgierigheid, de schrijfster houdt je lang in spanning! Maar toch werd dat nergens vervelend, de details die je stukje bij beetje ontdekt geven het verhaal hun diepgang en werken langzaam maar zeker toe naar de ontknoping. En hoewel ik er al een beetje bang voor was, raakte die me toch diep. Het is fictie maar de wetenschap dat dit soort dingen wel degelijk gebeuren is onvoorstelbaar…

Biecht aan mijn vrouw

De body changes, the mind not, schrijft Pieter Waterdrinker. Zijn tiende roman speelt ten tijde van het vleermuizenvirus. In Sint- Petersburg, zijn woonplaats, gaat alles wat geen apotheek of supermarkt is, dicht. De doodskop van de Sovjet-Unie, van het communisme, van tekorten schemert weer door het kapitalistische masker heen, lezen we op bladzijde 30.


Hij besluit Rusland te verlaten en zijn intrek te nemen in het door het Letterenfonds beschikbaar gestelde schrijvershuis aan het Spui in Amsterdam, om te werken aan zijn nieuwe boek. Van hieruit komen de verschillende verhaallijnen bij elkaar. Allereerst is daar Eva, een 30-jarige brunette met grote hertenogen. De schrijver laat zich haar gezelschap met gespeelde tegenzin aanleunen. Vanuit hun vakantieadres in Frankrijk probeert zijn stikjaloerse vrouw enige controle te houden door hem voortdurend op te bellen en eist daarbij dat de camera aan staat. Wanneer de ex-vriend van Eva, de rap dichter en vorige bewoner Winston Wow langskomt, lopen de spanningen hoog op. Door een onaangekondigd bezoek van zijn vroegere schoolvriend Otto Brons raakt de schrijver pas echt in de problemen. De vraag is of hij alles wat er in het schrijvers appartement is voorgevallen, zal opbiechten aan zijn vrouw.

De keren dat ik met Eva alleen was geweest, had de duivel slechts op mijn schouder getikt. Nu was hij met zijn zoete verleidingen in mijn ruggengraat geschoten’

Waterdrinker kan schrijven als de ziekte en de humor ontbreekt niet. Hij bewandelt verschillende zijpaden, maar komt steeds terug bij de kern van zijn verhaal. Door het gemak en het plezier waarmee hij zijn (sterke) verhalen de wereld in slingert, schiet je door het boek heen. Het is de vraag of het allemaal op waarheid berust. In de verantwoording staat: Deze autobiografische roman is een werk van fictie. Daar moet de lezer het mee doen.

Biecht aan mijn vrouw is ook als luisterboek beschikbaar. Eerder werd op ons blog Tsjaikovskistraat 40 besproken. Eveneens een fantastisch boek en ook als luisterboek te downloaden.